U bent hier

Maritiem cultureel erfgoed, onderwaterarcheologie en onderwater cultureel erfgoed

Een landelijke helikopterview met regionale invulling

Nederland is een maritieme natie. Dat durf ik wel te zeggen. Het land zelf is een grote delta met meanderende rivieren, dalen, meren en een heuse binnenzee en zo’n 450 kilometer kustgebied. De strijd tegen het water is een lange. Grote overstromingen zoals recent nog in 1995 en de alom bekende watersnoodramp uit 1953 passen in een lange reeks van dijkdoorbraken en overstromingen in Nederland.

De sporen hiervan kunnen we in het bodemarchief terugvinden. Dit werd o.a. zichtbaar bij het veldonderzoek – het doen van zoals boringen – in uiterwaarden van rivieren ten behoeve van archeologische verwachtingskaarten (1). De acties die daarop volgden: het verhogen en versterken van de verdediging tegen het water en de aanleg van polders. Het water vormde en vormt nog altijd een grote bedreiging voor de mensen in Nederland (2). Maar de relatie met het water heeft ook veel opgeleverd. De voormalige Zuiderzee wordt wel eens het verkeersplein van Nederland genoemd. En als we kijken naar de intensiteit waarmee de Zuiderzee gebruikt werd om West- met Oost- Nederland te verbinden, dan is dat nog niet zo slecht gevonden. Over water kon men veel meer goederen en personen vervoeren dan over land. Om een vergelijking te maken: een door paard of koe getrokken kar kon tot ongeveer 4000 kilo aan goederen vervoeren, een schip kon dit vele malen overtreffen en was vaak nog sneller ook! Trekvaarten zoals die er in de Gooi en Vechtstreek ook zijn, zijn speciaal hiervoor gegraven (3).

Het landschap in Nederland wordt naast de dijken, polders en meanderende rivieren ook bepaald door steden die op strategische waterwegen zijn ontstaan. Alle oude handelssteden liggen langs belangrijke routes als de eerder genoemde Zuiderzee, de Noordzeekust of rivieren als de IJssel, Rijn, Maas of Eem, vaak honderden jaren, soms meer dan duizend jaar oud. Wanneer we nu een spade in de grond steken langs de huidige loop van deze rivieren, dan vinden we de overblijfselen van het gebruik van die centraal in het landschap liggende rivieren. Doordat in vroeger tijden de loop niet werd ingedamd of bedijkt, liggen oude rivierbedingen kriskras door elkaar en vinden we zelfs zeer oude scheepswrakken in de nu droge grond. Bij de aanleg van nieuwbouwwijken langs de Rijn zijn keer op keer Romeinse en vroegmiddeleeuwse schepen aangetroffen (4) (afbeelding 1). Dit voelt dan voor velen als een volslagen verrassing, maar dat is het allerminst!

Lees hele artikel (p.21) als PDF >

Auteur: Martijn Manders

Meer informatie:

Reacties