U bent hier

De Rooswijk, mijn favoriet maritiem erfgoed

Bij de vraag ‘wat is jouw favoriete maritieme erfgoed’ denk ik niet meteen aan tastbare objecten, maar eerder aan de vele verhalen die ik heb mogen (helpen) vertellen over dit rijke communicatie onderwerp. Maritiem erfgoed is voor mij zo veel meer dan die tastbare objecten (hoe indrukwekkend die ook zijn!). Water zit in ons DNA en is al eeuwen bepalend voor wie we zijn: we maakten er gebruik van, de Nederlandse handelsgeest kwam tot bloei op de wereldzeeën, maar we hebben er (vooral om droge voeten te houden) ook tegen gestreden.
Het ontdekken van maritiem erfgoed is voor mij dan ook een manier om dichter bij onszelf te komen en over onszelf te leren. Om meer te weten te komen over onze identiteit maar ook hoe we als Nederlanders andere culturen hebben opgenomen en die van ons bij anderen hebben gebracht.  Juist bij maritiem erfgoed is de kracht en complexiteit van diversiteit zo goed zichtbaar.

Het wrak de Rooswijk

En als ik daar aan denk, is er voor mij een die er meteen met kop en schouders bovenuit steekt: het VOC-wrak de Rooswijk. Gezonken in 1740 voor de kust van Engeland, na één dag onderweg te zijn geweest voor de tweede reis naar Indië. De Rooswijk heeft alles in zich wat een goed verhaal nodig heeft. Een held, een streven, tegenslag, ommekeer, een begunstigde, een gangmaker: als je er een narratieve analyse op loslaat is het een verhaal om van te smullen. En dan heb ik het niet per se over het verhaal van het schip zelf, maar juist ook over het verhaal van het wrak in het heden en de betekenis die het nu heeft gekregen.

Het verhaal van het schip zelf roept al veel sentiment op: de VOC-periode doet ons denken aan tijden van economische bloei in de Gouden Eeuw, de hoogtijdagen van de creatieve Nederlandse handelsgeest, maar ook onderdrukking van andere culturen, slavernij en andere gruwelheden. Na het vergaan van de Rooswijk in 1740 (een grote tegenslag voor de VOC) verdween het wrak voor lange tijd uit zicht. Rond 2000 ontdekte een Britse duiker het wrak, niet ver van de Engelse kust, op de Goodwin Sands. Een mooi moment, zou je zeggen, om het wrak te onderzoeken en veilig te stellen voor de toekomst. Maar dat was niet wat er gebeurde. De Nederlandse Staat besloot een contract af te geven aan een commerciële Britse berger. 75% van de opbrengst ging naar de berger, 25% naar de Nederlandse Staat.

Nieuw beleid, beheer scheepswrakken overzee

In 2005 spraken archeologen zich openlijk uit over het feit dat commerciële berging, nota bene met een contract van de Nederlandse staat, van een bijzonder wrak als dit toch echt onoorbaar was. Het leidde tot een discussie tussen het ministerie van Financiën (Domeinen, eigenaar van het wrak) en het ministerie van Cultuur, waarna nieuw beleid voor beheer van scheepswrakken overzee werd gemaakt dat nog steeds geldt. Daarbij staan archeologie en cultuurhistorie voorop en heeft het ministerie van OCW (met de RCE) het voortouw genomen voor beheer van maritiem erfgoed op internationale schaal. Nieuw beleid dat weer leidde tot nieuwe mogelijkheden om heel veel projecten over de hele wereld op te zetten om maritiem erfgoed (scheepswrakken) te beschermen.
Maar was daarmee de Rooswijk gered? En zouden we ooit nog meer te weten komen over het schip, behalve de vondsten en het zilver dat we in 2005 naar boven hadden zien komen? Na het stopzetten van de commerciële berging besloot het Verenigd Koninkrijk de vindplaats te beschermen, en Historic England en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed  gingen het wrak monitoren. Daar kwam de volgende tegenslag: de beschermende zandlaag begon te verdwijnen, in de nabije omgeving werden baggerwerkzaamheden gepland en het risico werd steeds groter dat het wrak helemaal vrij kwam te liggen, vondsten weg zouden spoelen en het hout opgegeten zou worden door paalworm. Wat te doen? Een snel besluit voor onderzoek en opgraven leek het devies, maar dat ging niet zomaar. De kosten van een dergelijke opgraving zijn torenhoog, beide landen (kuststaat en vlaggestaat) moeten daaraan meewerken, de expertise moet beschikbaar zijn en wellicht nog het grootste struikelblok: de commerciële berger was nog steeds in bezit van het door Nederland afgegeven contract.

Project; #Rooswijk 1740, showcase maritiem erfgoed

In 2017 lukte het projectleider Martijn Manders om dit allemaal bij elkaar te brengen en het project #Rooswijk1740 te starten. De minister van OCW stelde geld beschikbaar, de Britten deden mee, het contract werd na lang onderhandelen door Manders teruggehaald en de expertise die inmiddels was opgebouwd in het maritiem archeologisch veld was voorhanden. Het wrak wordt sindsdien onderzocht en opgegraven en het project is aangevuld met experts die o.a. historisch, genealogisch onderzoek doen en zorgen voor uitwerking en conservering van de vondsten. Een hele prestatie, want ondanks alle factoren die dit verhaal wel tot een succes moeten maken waren het juist de archeologen (die sputterden in 2005) en mensen uit het netwerk rond maritieme archeologie die op dat moment kritische vragen stelden en zich afvroegen waarom het nodig was om in Engeland een wrak op te graven. En waarom nu juist dit wrak? Door het verhaal van het schip van 300 jaar geleden te vertellen, en de betekenis van het wrak in het heden, groeide het besef van de grote waarde van de Rooswijk voor ons allemaal. Vele gepassioneerde interviews van Manders, die het verhaal met verve vertelde, tot aan bij Humberto Tan en Jeroen Pauw aan tafel, zorgden voor bekendheid van het verhaal bij een groot publiek. Op die manier, met inzet van communicatie en media maar ook etaleren van de expertise die werd ingezet voor #Rooswijk1740, ontstond een exemplarisch voorbeeld van maritiem erfgoed, een verhaal waarmee een breed (internationaal) publiek zich kon identificeren. Waarmee de Rooswijk een sterk merk is geworden en symbolische waarde heeft gekregen voor het erfgoedveld. Een showcase van maritiem erfgoed voor een breed publiek en een communicatief cadeau.
De gewaarwording om in 2017 samen met toenmalige minister Bussemaker de opgraving te bezoeken en daadwerkelijk de vondsten uit het wrak te bewonderen gaf niet alleen een gevoel van trots, maar ook van voldoening. Professionals, publiek, vrijwilligers, journalisten, studenten: iedereen verzamelde zich rond dit project en genoot van dit maritiem erfgoed en het verhaal van de Rooswijk. De Rooswijk was niet langer een onderwerp van discussie, waar we licht beschaamd en stilletjes over spraken, maar een geweldig voorbeeld van erfgoed dat mensen en culturen verbindt. Een ontdekkingstocht naar een tastbaar verleden op de bodem van de zee maar ook een ontdekkingstocht en onderzoek naar wie we zijn, toen en nu, en daar het gesprek over te voeren. Met oog voor de goede en minder goede kanten.


Een bijdrage van Willemien van de Langemheen

Video 
De Rooswijk

Reacties